Wanneer Dani Jaworski een oud rattennest uitzoekt in Colonial Williamsburg, draagt ze handschoenen en een stofmasker en houdt ze een magneet bij de hand om naalden en spelden op te pakken. De dieren verzamelen al eeuwenlang bezittingen van mensen in de gebouwen. Zo hebben ze de beheerder van de architectuurcollecties voorwerpen nagelaten die heel wat zorgvuldiger moeten worden behandeld dan een doorsnee handvol huishoudelijk afval.[1]
Een van die vondsten is een massief zilveren dinervork, die volgens het meesterteken tussen 1861 en 1865 is gemaakt. Ratten hadden hem de muren in gesleept van een gebouw dat op verschillende momenten dienstdeed als woning, winkel, school en taveerne. Toen Jaworski de vork aan Atlas Obscura beschreef, benadrukte ze het formaat: dit was een dinervork, een flink voorwerp voor een klein dier om mee te nemen. In het nest bleef hij bewaard, samen met snippers papier en stof en andere spullen die de menselijke bewoners waren kwijtgeraakt.[1]
In een ander gebouw in Williamsburg bleek de smaak van de ratten bij het inrichten van hun nest bijzonder nuttig voor onderzoekers die meer wilden weten over het werk van de bewoners. Matthew Webster en zijn team maakten in januari 2021 de trap van Orrell House open en vonden een nest met knopen, spelden en heel veel garen. De familie Orrell bestond uit kleermakers. Zelfs dunne metalen baleinen die een vrouwenkorset stevigheid gaven, waren in de verzameling terechtgekomen.[2]
Webster, die werkt aan het behoud van de gebouwen in Williamsburg, legde uit dat de materialen historici konden helpen vaststellen wat bewoners ter plaatse maakten en wat ze importeerden. Omdat ratten hun spullen doorgaans dicht bij hun nest verzamelden, bleef daarin een kleine verzameling huishoudelijke bezittingen uit de directe omgeving bewaard. Naaigerei dat op zichzelf misschien weinig bijzonder was, kon onderzoekers helpen begrijpen welk werk ooit in dat specifieke huis werd gedaan.[2]
In het gebouw van de Bray School was de inhoud afkomstig van heel verschillende huishoudens die er na elkaar hadden gewoond. De school opende in 1760 voor zwarte kinderen, van wie de meesten tot slaaf waren gemaakt. Onderwijzeres Ann Wager woonde boven en de lessen vonden beneden plaats. Nadat de school was verhuisd, kreeg het gebouw andere functies, onder meer als studentenhuis voor vrouwen van de universiteit William & Mary. Een vondst in de muren was dus niet automatisch het bezit van een schoolkind.[2][3]
Terwijl onderzoekers de twintigste-eeuwse toevoegingen verwijderden, vonden ze ook onderdelen van de oorspronkelijke school die in de nieuwere constructie waren hergebruikt. Ronald Hurst beschreef het onderzoek in een interview voor Ben Franklin's World: verf en slijtage op die onderdelen gaven aanwijzingen over de vroegere vertrekken, terwijl twee rattennesten stof, papier en metaal opleverden. Hij wilde dat het team de latere bewoning en het gebruik van het gebouw net zo zorgvuldig vastlegde als de schooljaren, zodat er bewijsmateriaal zou blijven voor vragen die toekomstige onderzoekers misschien zouden stellen.[3]
Een van de voorwerpen uit latere perioden die onder de vloerplanken werden gevonden, was een kaartje uit 1937 voor een wedstrijd American football van William & Mary. Hurst noemde dat zijn favoriete twintigste-eeuwse vondst uit het onderzoek.[3]
Bronnen
- Amy Crawford, Atlas Obscura: In Colonial Williamsburg bewaren stelende ratten de geschiedenis (2023; gearchiveerd op 26 februari 2026)
- Bethany Brookshire, Science News Explores: Ratten kunnen de geschiedenis van de mens vastleggen (2022)
- Omohundro Institute: Ben Franklin's World, transcript van aflevering 331
Afbeelding: Zwarte rat, gefotografeerd in Sarawak, Maleisië, door Bernard DUPONT. Foto ter illustratie van de soort, niet van een opgraving in Williamsburg. Oorspronkelijke foto, bijgesneden en in formaat aangepast onder CC BY-SA 2.0; deze afgeleide versie valt onder dezelfde licentie.




